
Van 3 tot en met 27 augustus organiseert de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) in samenwerking met Museum Batavialand de Veldschool Scheepsarcheologie Flevoland. Studenten doen praktische ervaring op in de scheepsarcheologie. Dit jaar onderzoek studenten een binnenvrachtschip (ZK46) dat rond het jaar 1800 is vergaan met een lading turf. Het wrak bevindt zich in de wijk Oosterwold in Almere.
Het programma van de Veldschool Scheepsarcheologie Flevoland bestaat uit 2 delen. In Museum Batavialand volgen studenten onder andere workshops over het bewaren van schepen en scheepsinventarissen en over het beheer van de maritiem archeologische collectie in het Nationaal Scheepsarcheologisch Depot. Daarnaast werken ze mee aan het archeologisch onderzoek bij de opgraving van binnenvrachtschip ZK26 in Oosterwold.
Ongeveer de helft van alle scheepswrakken in het Zuiderzeegebied zijn vrachtschepen. Van deze schepen kunnen we leren over het vervoer van spullen over de binnenzee. In de vroegmoderne tijd (1550 tot 1800) werd veel turf vervoerd, want dat was de belangrijkste grondstof voor energie. Er zijn ook veel vondsten en wrakken van binnenvaartschepen te zien in Museum Batavialand.
Je kunt naar de opgraving van het scheepswrak in Oosterwold komen kijken op zaterdag 22 augustus. Tussen 11.00 en 15.00 uur kun je je rond laten door de studenten. Zij kunnen je alles vertellen over het scheepswrak en hun onderzoek. Er is ook een ArcheoMarkt met kramen van de gemeente Almere, provincie Flevoland, Museum Batavialand, de AWN en de RCE.
Aanmelden voor een bezoek aan de opgraving is verplicht. Alleen binnen dit tijdslot is de opgraving te bezoeken.